Ik neem aan dat je Belg bent, anders is mijn toelichting niet nuttig.
Het gaat hier over buiten-contractuele aansprakelijkheid.
De verzekeraar van de schadeverwekker gaat duidelijk niet over één nacht ijs : in deze optiek is het nuttig om kennis te nemen van art. 1384 van het (Belgisch) Burgerlijk Wetboek.
Art. 1384. Men is aansprakelijk niet alleen voor de schade welke men veroorzaakt door zijn eigen daad maar ook voor die welke veroorzaakt wordt door de daad van personen voor wie men moet instaan, of van zaken die men onder zijn bewaring heeft.
De achterliggende gedachte is als volgt :
Kan u aansprakelijk worden gesteld voor schade veroorzaakt door uw bomen bij de buren ?
Volgens het Burgerlijk Wetboek kan een persoon aansprakelijk worden gehouden voor schade veroorzaakt door een object, in dit geval een boom, waarvan hij of zij de bewaarder is. Er zijn drie voorwaarden om deze aansprakelijkheid vast te stellen:
1. De persoon die als aansprakelijk wordt beschouwd, moet de bewaarder van de boom zijn.
2. De boom moet een gebrek vertonen (dat wil zeggen, er moet worden aangetoond dat de boom een abnormale eigenschap heeft die schade kan veroorzaken).
3. Door dit gebrek moet er schade zijn toegebracht aan een derde partij (in dit geval de buur).
Als aan deze drie voorwaarden is voldaan, kan de buur de bewaarder van de boom aansprakelijk stellen voor de schade. Let op: het is niet altijd noodzakelijk om aan te tonen dat de bewaarder van de boom zelf een fout heeft begaan. Het volstaat om te bewijzen dat er een actie, verzuim of gedrag heeft plaatsgevonden dat aan de bewaarder van de boom kan worden toegeschreven en die de buitensporige hinder heeft veroorzaakt.
Je kunt als tegenzet de art. 1382 en 1383 B.W. inroepen,
Art. 1382 B.W. schrijft voor dat elke daad van de mens, waardoor aan een andere schade wordt veroorzaakt, diegenen door wiens schuld de schade is ontstaan, verplicht om de schade te vergoeden.
Art. 1383 B.W. voegt hieraan toe dat men niet alleen aansprakelijk is voor de schade veroorzaakt door zijn daad, maar ook voor die welke hij veroorzaakt heeft door zijn nalatigheid of onvoorzichtigheid.
Op dat men kan worden aangesproken op basis van de artikelen 1382 – 1383 B.W. dient simultaan te zijn voldaan aan volgende toepassingsvoorwaarden:
Er is sprake van een buitencontractuele fout of nalatigheid
Er is schade berokkend of veroorzaakt
Er is een oorzakelijk verband tussen de fout en de schade
Tenslotte : ik kan jouw omschrijving niet helemaal goed inschatten : “Ik heb door een afgebroken doorschoten tak van een afgezaagde boom zichtbare schade geleden aan mijn omheining”
Is de schade aangericht op het moment van het afzagen van de boom, dan is er volgens mij duidelijk sprake van art. 1382.
Hopelijk ben je hier iets mee.
Groeten en succes !